Persbericht
27 mei 2008
Bureau Jeugdzorg timmert hard aan
de weg
Bureau Jeugdzorg Noord-Holland is goed op weg. Naar het
oordeel van de Inspectie jeugdzorg werkt de organisatie gericht aan verbetering
van haar werkwijze met als doel kinderen te beschermen. Achter de ingevoerde
veranderingen ligt een heldere visie en de medewerkers zetten zich volop in
voor de uitvoering van verbeterplannen.
Tot deze
conclusie komt de Inspectie jeugdzorg na een hertoets in januari 2008 bij de
sectoren Jeugdbescherming en Advies- en Meldpunt Kindermishandeling (AMK). De
hertoets is een vervolg op een onderzoek aan het begin van 2007. Sindsdien
heeft Bureau Jeugdzorg Noord-Holland vele verbetering in de werkwijze aangebracht.
De inspanning heeft succes, zo oordeelt de inspectie.
Het AMK taxeert
bij meldingen zorgvuldig of en in welke mate de veiligheid van kinderen gevaar
loopt. De werkwijze is planmatig en transparant. Bij overdracht van een zaak of
doorgeleiding naar de Raad voor de Kinderbescherming is de verantwoordelijkheid
voor het kind goed geregeld. De sector Jeugdbescherming is in oktober 2007 begonnen
met de invoering van een nieuwe werkwijze, de Deltamethode. Gezinsvoogden krijgen
minder gezinnen onder hun hoede en vaker contact met het kind. Gedragswetenschappers
zijn aangesteld om gezinsvoogden te ondersteunen. Deze aanpak verhoogt en borgt
de kwaliteit.
Jeugdbescherming
Hoewel de
inspectie vertrouwen heeft in de nieuwe werkwijze bij Jeugdbescherming, zijn er
ook verbeterpunten. Gezinsvoogden hebben niet altijd zo frequent contact met
het kind als de Deltamethode voorschrijft. Sectormanager Jan Nijssen legt uit:
“Conform de afspraak met de provincie hebben we een jaar de tijd, dus tot oktober
2008, voor de invoering van de Deltamethode. Qua uitbreiding van de personeelsformatie
lopen wij voor op de planning.”
Een belangrijk
aandachtspunt vindt de inspectie het hoge personeelsverloop bij
Jeugdbescherming. Dit vormt een risico voor de kwaliteit van het werk. Bureau
Jeugdzorg Noord-Holland heeft in de afgelopen periode de werving en selectie
sterk verbeterd, evenals de begeleiding en het inwerken van nieuwe medewerkers.
Jan Nijssen: “Het kost steeds meer moeite om goed gekwalificeerde medewerkers binnen
te halen. Dit is een probleem van de hele jeugdzorg, overal in het land.” De inspectie
raadt de Provincie Noord-Holland aan om Bureau Jeugdzorg Noord-Holland te
ondersteunen bij de ontwikkeling van een beleid gericht op het binnenhalen en
-houden van goed personeel.
Advies- en Meldpunt
Kindermishandeling
De inspectie
is positief over de werkwijze die het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling op
1 november heeft ingevoerd. Telefonische meldingen van kindermishandeling komen
binnen bij een beperkt aantal gespecialiseerde medewerkers. Met behulp van een
risicotaxatielijst maken zij een inschatting van de ernst van de
kindermishandeling en de veiligheid van het kind. Tevens gaan ze na of bellers
zelf mogelijkheden hebben om in te grijpen.
Elke
ochtend bespreken een vertrouwensarts,
gedragswetenschapper en medewerker van de meldingsdienst de meldingen van de
vorige dag. De deelnemers aan dit overleg werken uniform op basis van de zogenaamde
ORBA-systematiek (Onderzoek, Risicotaxatie en Besluitvorming AMK). Doordat op vaste
momenten intercollegiale en multidisciplinaire toetsing plaats vinden,
verkleint het AMK het risico op onduidelijkheid en het missen van informatie,
aldus de inspectie. Sectormanager Marjan Adema van het AMK noemt de conclusies
in het inspectierapport een opsteker voor alle medewerkers die zich “keihard hebben ingezet voor de nieuwe aanpak”.
Aanleiding
De
hertoets vond plaats op verzoek van de Provincie Noord-Holland nadat de Inspectie
jeugdzorg aan het begin van 2007 had geconcludeerd dat de werkwijze van beide
sectoren onvoldoende de veiligheid van jeugdigen waarborgde. Dit leidde in de
zomer van 2007 tot het aftreden van de Raad van Bestuur en de aanstelling van
een interim-bestuurder. Per 1 april 2008 is de nieuwe bestuurder dr. L.B.J.
(Lucy) Schmitz in functie.
.